zweeds

ijsstaafje
tussen-
persoon
opeen-
hoping
6
teleurstel-
lend
getal
krediet
insect
1
deel v.d.
mond
2
deel v.e.
fiets
tijdvak
3
plus
openbaar
vervoer-
middel
op dit
moment
opschie-
ten
eivormig
klein
4
7
deftig
groot feest
Suri-
naams
gerecht
zangstuk
uitgang
geroos-
terd brood
groot-
moeder
winter-
sport-
artikel
open
strook in
een bos
stalling
voor een
auto
8
boom
god v.d.
liefde
vader
zeevis
indianen-
tent
5
anders
gezegd
oosterling
1
2
3
4
5
6
7
8